Home / Blog / Zes keer ‘hoe’ voor nog meer werkplezier

Zes keer ‘hoe’ voor nog meer werkplezier

Dinsdag 28 januari is het de dag van het werkplezier in de zorg. Daarom speciaal voor jou zes eenvoudige oefeningen om je werkplezier nog verder te laten groeien.

1. Investeer in sociale relaties

Je werkplezier krijgt een flinke boost dankzij een goed contact met collega’s en een plezierige samenwerking met anderen. Het klinkt misschien als een open deur: begroet de mensen die je tegenkomt met een lach, zeg iets aardigs tegen je collega en maak gebruik van je humor. Dit geeft je werkdag nog meer glans en werkt ook nog eens heel aanstekelijk.

2. Zorg goed voor jezelf

Als zorgprofessional is het vanzelfsprekend dat je goed voor je patiënten zorgt. Maar als je echt eerlijk bent: Hoe goed zorg je eigenlijk voor jezelf? Als je je gestrest en moe voelt, gaat dat ten koste van je werkplezier. Je kunt er dan voor kiezen om je middagpauze te gebruiken als een echt oplaadmoment. Uit ervaring weet ik dat je je verplicht kunt voelen om elke pauze te socializen met collega’s. Je kunt je afvragen of je daar wel altijd behoefte aan hebt. Voor een goed herstel is het belangrijk dat je iets doet waar jij zin in hebt. En als dat betekent dat je even niet sociaal doet, dan is dat maar even zo.

3. Leef in het nu

Merk je weleens dat je met je aandacht overal en nergens bent. Dan weer in het verleden (wat ben ik vergeten?) en dan weer in de toekomst (wat moet ik allemaal nog doen?) Je bent zeker niet de enige. Om je meer te kunnen focussen op het nu, kun je van een activiteit die je toch al doet een bewust ritueel maken. Kijk tijdens je pauze eens in je broodtrommel. Neem een seconde of tien de tijd om te kijken welke kleuren je eten heeft en hoe het eruit ziet. Neem dan een moment om heel bewust te ruiken aan wat je gaat eten. Sluit je ogen en richt je puur op de geur. Als je gedachten roepen dat dit er heel stom uitziet, is dat prima. Eet langzaam, bewust, en wissel smaken zoveel mogelijk af. Proef de verschillende ingrediënten en maak van je lunch een aandachtvol moment.

4. Doe dingen die er voor jou toe doen

Om fit en in balans te blijven is het goed je eigen energiebronnen en energievreters te leren (her)kennen. De volgende oefening kan je daarbij helpen
• Print onderstaand bestand

• Noteer de komende week dagelijks al jouw dagelijkse energiebronnen en energievreters op de lijst (zowel in als buiten het werk). Denk hierbij aan activiteiten, situaties, personen, dagelijkse bezigheden, voeding, enzovoort. Geef per onderwerp aan hoe hoeveel energie het je geeft of hoeveel energie het je kost door een cijfer te geven ( 1 = geeft een beetje energie en 10 = geeft me superveel energie). Doe hetzelfde voor de energievreters.
• Maak na een week een overzicht van jouw top-10. Bovenin zet je de meest energiegevende en de meest energievretende dingen. Laat de mate waarin iets energie geeft of vreet aflopen naar beneden.
• Maak een plan. Begin bij voorkeur met onderwerpen waar je veel last van hebt en die relatief eenvoudig zijn aan te pakken. Pak niet al je punten tegelijk aan, begin met één punt. Kijk ook naar je energiebronnen. Kun je deze vergroten? Dit is vaak makkelijker dan een energievreter verkleinen. Bespreek je top-10 eens met je collega of leidinggevende en kijk samen wat je kunt veranderen.

5. Leer omgaan met tegenslag

Ook al doe je nog zo je best, af en toe maak je fouten. Ook gebeuren er wel eens dingen in het werk die moeilijk of pijnlijk zijn. Het is heel menselijk om die lastige gevoelens weg te drukken en je weer te focussen op het positieve. Helaas kost dat veel tijd en energie (en helpt niet op de langere termijn) en gaat ook nog eens ten koste van je werkplezier. Mildheid naar jezelf is dan ook het sleutelwoord om met tegenslag om te gaan. Dus word je geconfronteerd met iets pijnlijks, doe dan het volgende. Bedenk wat een goede vriend, vriendin of familielid tegen je zou zeggen als hij of zij ziet dat je het moeilijk hebt? Zou deze persoon ook zo hard of streng voor je zijn? Wat zou jij tegen hem of haar zeggen als deze persoon een moeilijke periode heeft? Probeer de compassie die je voor hem of haar voelt op jezelf te richten.

6. Oefen in dankbaarheid

Neem de komende week aan het einde van de werkdag vijf minuten de tijd om drie positieve ervaringen die je hebt meegemaakt op te schrijven: een complimentje van een collega, een lach van een patiënt. Deze oefening wordt nog krachtiger als je het deelt met anderen. Dat kan tijdens een dagevaluatie of bij de dagstart van de volgende dag. Laat elke ervaring nog eens goed op je inwerken en beleef dat positieve moment opnieuw.

Heel veel werkplezier gewenst de komende week en laat je me weten hoe de oefeningen voor je hebben uitgepakt?

Bronnen

Please follow and like us:
Top